Installeer Asantehene.nl als app voor snelle toegang

Carel Hendrik Bartels: koopman tussen twee werelden

Carel Hendrik Bartels: koopman tussen twee werelden AI-gegenereerde illustratie
Carel Hendrik Bartels: koopman tussen twee werelden
Deze afbeelding is gegenereerd om het artikel te illustreren. Het is geen foto en geen historisch document.
Kernpunten

Een vooraanstaand Euro-Afrikaans koopman van Elmina in de eerste helft van de negentiende eeuw, wiens handelsnetwerk en rol bij de werving voor Indië laten zien waar de macht aan de kust werkelijk lag.

Gerelateerde categorie: Belangrijke Figuren

Het midden van Elmina

Elmina was in de eerste helft van de negentiende eeuw niet eenvoudigweg een Nederlands fort met een Afrikaanse stad ernaast. Het was een samenleving op zichzelf, en een van de invloedrijkste groepen daarin waren de Euro-Afrikaanse families die afstamden van verbintenissen tussen Nederlandse ambtenaren of soldaten en Akan-vrouwen. Namen als Bartels, Vroom, Nieser en Ulzen keren generaties lang terug in de stukken. Deze families waren noch Nederlands noch geheel van de stad, en hun bruikbaarheid kwam juist uit die positie voort.

Carel Hendrik Bartels behoorde tot de meest vooraanstaanden onder hen. Hij was in de eerste helft van de negentiende eeuw als koopman werkzaam te Elmina, in de periode waarin de Nederlandse vestiging zich van de slavenhandel afwendde en zocht naar iets om die te vervangen. Zoals anderen van zijn achtergrond werd hij op Nederlandse wijze opgeleid en bewoog hij zich met evenveel gemak in het fort als in de stad.

Wat een kustkoopman werkelijk deed

De handelspositie van een man als Bartels berustte op taken die noch het Nederlandse bestuur noch de handelaren uit het binnenland zelf konden vervullen:

  • goederen op krediet voorschieten aan handelaren uit het binnenland en daarop het risico dragen;
  • producten verzamelen — goud, ivoor, later palmolie — in hoeveelheden die het verschepen waard waren;
  • tolken, in de volle zin: taal, maar ook gewoonte, protocol en de bedoelingen van partijen;
  • borg staan, zodat overeenkomsten tot stand konden komen tussen mensen die tegenover elkaar geen contract konden afdwingen;
  • betrekkingen onderhouden met de Asante-autoriteiten, wier beheersing van de wegen bepaalde of er überhaupt iets bewoog.

Niets hiervan hing af van de welwillendheid van de Nederlandse gouverneur op de manier waarop de zaken van de gouverneur afhingen van die van de kooplieden. Nederlandse ambtenaren kwamen voor enkele jaren en stierven vaak; de koopmansfamilies waren blijvend.

Werving voor Indië

Na de overeenkomst van 1837 tussen generaal-majoor Jan Verveer en Asantehene Kwaku Dua I werd Elmina het verzamelpunt voor mannen die voor het Nederlands-Indische leger werden geworven. Om dat te laten werken waren precies de vaardigheden nodig die de Euro-Afrikaanse kooplieden bezaten: contacten met Asante-leveranciers, het vermogen mensen en goederen over de weg vanuit Kumasi te verplaatsen, krediet, en de bereidheid een transactie af te handelen die de Nederlandse staat op afstand wenste te houden. Bartels is gedocumenteerd als een van de betrokkenen aan de Elminase zijde.

Hier wordt zijn loopbaan moeilijk om onbekommerd over te schrijven. De geleverde mannen waren in veel gevallen onvrije mensen die bij de indiensttreding werden vrijgelaten zodat de regeling als vrijwillig kon worden voorgesteld. De kooplieden die hen afhandelden opereerden binnen een juridisch kader dat de Nederlandse staat daartoe had opgetrokken. Of men hun rol als handel beschrijft dan wel als voortzetting van slavenhandel onder een andere naam, is een werkelijke vraag, en historici beantwoorden haar verschillend.

Waar de macht werkelijk lag

Het bredere punt dat Bartels' loopbaan illustreert is dat de Nederlandse aanwezigheid aan de Goudkust nooit een eenvoudig koloniaal bestuur over een onderworpen bevolking was. Nederland bezat een fort en een stuk kust op voorwaarden die afhingen van Asante-instemming in het binnenland en van plaatselijke tussenpersonen aan de oever. Wie in beide richtingen kon opereren, vergaarde werkelijke macht, en gebruikte die evenzeer in eigen belang als wie ook.

Die positie brokkelde af na de overdracht van Elmina aan Groot-Brittannië in 1872. Britse handelsstructuren en later het koloniale bestuur bevoordeelden andere netwerken, en de specifiek met Nederland verbonden families verloren het voordeel dat hen onmisbaar had gemaakt. Veel nakomelingen bleven vooraanstaand in het openbare leven van de Goudkust; de bijzondere makelaarsrol overleefde niet.

De bronnen

Bartels komt voor in de bestuurlijke stukken van de Nederlandse Goudkust die in Nederland worden bewaard, en de Euro-Afrikaanse families van Elmina zijn onder meer door Michel Doortmont uitvoerig bestudeerd, op basis van correspondentie, kerkelijke registers en administratieve papieren. Het moet ronduit gezegd worden dat de biografische gegevens over deze figuren ongelijkmatig zijn: jaartallen, familieverhoudingen en de mate van persoonlijke betrokkenheid bij bepaalde transacties zijn vaak gereconstrueerd uit fragmentarisch materiaal, en algemene uitspraken over wat zo'n koopman deed staan steviger dan nauwkeurige beweringen over enige afzonderlijke zaak.

Belangrijke inzichten & Uitspraken

"Het midden van elmina elmina was in de eerste helft van de negentiende eeuw niet eenvoudigweg een nederlands fort met een afrikaanse stad ernaast."
"Namen als bartels, vroom, nieser en ulzen keren generaties lang terug in de stukken."
"Deze families waren noch nederlands noch geheel van de stad, en hun bruikbaarheid kwam juist uit die positie voort."
"Carel hendrik bartels behoorde tot de meest vooraanstaanden onder hen."
Deel dit artikel